De periode van de opleidingsplannen is weer aangebroken. In de bedrijven van onze metaal- en transportsectoren moet de werkgever volgens de wet uiterlijk tegen 31 maart 2026 een nieuw opleidingsplan opstellen.
Die verplichting komt elk jaar terug. In sommige sectoren ligt de deadline vroeger (15 februari). Check dus zeker de cao opleiding in jouw sector.
Voor welke bedrijven?
Alle ondernemingen met minstens 20 werknemers zijn wettelijk verplicht zo’n plan te maken. In bepaalde sectoren ligt de drempel zelfs lager (bv. 15 werknemers). Ook hier: de sector-cao geeft de juiste regels.
Waarom is dat plan zo belangrijk?
Het opleidingsplan is de kapstok voor opleiding in het bedrijf. Het geeft een overzicht van welke opleidingen er zijn en voor welke werknemers ze bedoeld zijn. Dat kan op papier of digitaal. Een opleidingsplan geldt minstens één jaar.
Het plan moeten minstens bevatten:
- Formele opleidingen
Cursussen of stages met een duidelijke structuur, georganiseerd door het bedrijf zelf of door een externe opleidingsinstelling. Ze vinden plaats los van de werkplek en zijn gericht op een groep deelnemers.
- Informele opleidingen
Leeractiviteiten die rechtstreeks met het werk te maken hebben, maar minder formeel zijn. De werknemer organiseert grotendeels zelf tijd, plaats en inhoud. Denk aan on-the-job coaching, conferenties, beurzen of lezingen.
Het plan moet ook tonen hoe de onderneming investeert in opleiding (in onze sectorale cao’s lees je ook op hoeveel dagen opleiding een werknemer recht heeft). Bij het opstellen van het plan moet de werkgever ook:
- rekening houden met de genderdimensie
- extra aandacht geven aan risicogroepen (50-plussers, werknemers met een handicap, werknemers met buitenlandse afkomst) en aan knelpuntberoepen
- uitleggen hoe de opleidingen samen met de werknemers geëvalueerd worden.
Overleg is cruciaal
De opmaak van het opleidingsplan is een belangrijk syndicaal moment. Via het opleidingsplan kunnen we mee bewaken dat iedereen kansen krijgt, dat opleidingen aansluiten bij de noden op de werkvloer en dat werknemers sterker staan – in het bedrijf en op de arbeidsmarkt. Opleiding is immers geen luxe, maar noodzakelijk in snel veranderende tijden (digitalisering, AI, klimaattransitie, enzovoort)
De ondernemingsraad of vakbondsafvaardiging (indien er geen OR is) heeft een adviserende rol inzake het opleidingsplan. Dit is de procedure die moet gevolgd worden.
- Werkgever maakt een ontwerp.
- Ontwerp gaat naar OR of VA.
- Minstens 15 dagen later volgt overleg.
- OR/VA geeft advies uiterlijk 15 maart 2026 (of vroeger indien sectoraal bepaald).
- Plan wordt definitief vastgelegd tegen 31 maart 2026.
In bedrijven zonder vakbondsaanwezigheid moet de werkgever het plan rechtstreeks aan de werknemers voorleggen.
Vragen of hulp nodig?
Bij problemen of vragen over het opleidingsplan, kan je contact opnemen met ABVV-Metaal of BTB-ABVV. Ook de consulenten van het Vlaams ABVV staan klaar om militanten en afgevaardigden te ondersteunen bij de opmaak en bespreking van het opleidingsplan. Samen zorgen we voor meer en betere opleiding op de werkvloer!